Tag Archives: Renewable Energy

Training: mainstreaming gender in energieprojecten

Partners for Innovation en MDF bieden een gratis train-de-trainer cursus aan voor organisaties in ECOWAS landen die zich bezig houden met gender mainstreaming (het bevorderen van de gelijkheid tussen mannen en vrouwen) in energieprojecten. Deze driedaagse cursus zal begin 2018 worden gehouden in Accra. We zijn op zoek naar NGOs of trainingsinstituten die ervaring hebben met capaciteitsopbouw op het gebied van gender en energie. De cursus, reis en accommodatie zullen worden vergoed door UNIDO-ECREEE.

Indien u geïnteresseerd bent, kunt u hier meer informatie vinden (Engels- en Franstalige pdf):

Voor meer informatie kunt u ook contact opnemen met Stan van den Broek.

 

Duurzame energie in Afrika – 12 jaar vallen en opstaan

Twee leerlingen van een middelbare school in Roermond bellen of ze op het kantoor van Partners for Innovation mogen langskomen voor een interview met Emiel. Ze schrijven hun profielwerkstuk over duurzame energie in Zuid-Afrika. Emiel heeft inmiddels zo’n 12 jaar ervaring in duurzame energie in Sub Sahara Afrika en kent de kansen én bedreigingen.

Hoe is je betrokkenheid in Afrika begonnen?

Die begon in 2005 toen we een onderzoek voor de Europese Commissie mochten uitvoeren naar de marktkansen in ontwikkelingslanden voor Europese duurzame energie bedrijven. Niet alleen Afrika, maar ook Latijns Amerika en Azië. Het was wel opmerkelijk dat we deze opdracht mochten doen, want niemand van ons was überhaupt in een ontwikkelingsland geweest! Wel werkten we in deze opdracht samen met 15 lokale adviseurs.

Nog niet in een ontwikkelingsland geweest, en toch onderzoek doen?

Wat de Europese Commissie aansprak was de gekozen aanpak in ons voorstel: we wilden ons niet alleen richten op de kansen voor de bedrijven in Europa, maar ook kijken wat het betekent voor de mensen dáár. Want je bereikt alleen iets op langere termijn als de mensen zelf ermee aan de slag kunnen; en willen. Een ander punt van het voorstel was de focus op 15 landen: 5 in Afrika, 5 in Latijns Amerika en 5 in Azië. Met data van de Wereldbank konden we groepen landen maken die min of meer op elkaar lijken. Zo konden we, aan de hand van 15 landen, globale cijfers geven over meer dan 100 ontwikkelingslanden.

 

Hoe legde je de contacten in de landen?

Een essentieel element in onze aanpak was het werken met experts en organisaties ter plekke. Die vonden we via bestaande contacten maar ook door het internet af te speuren. Sommige namen van experts kwamen steeds opnieuw tegen. Die gingen we dan benaderen met de vraag of ze in ons project wilden meedoen. De lokale experts voerden al het werk uit in de landen; interviews, desk research en projecten bezoeken. Zelf zijn we niet in een ontwikkelingsland geweest. Dat kwam pas jaren daarna.

Wat kwam er uit de studie?

We kwamen onder meer te weten wat er bij bestaande duurzame energie projecten goed en fout ging. Deze kennis konden we vervolgens gebruiken bij het adviseren van nieuwe projecten. We zagen ook dat veel projecten spaak liepen die puur donor-gedreven zijn. De lokale bedrijfseconomische inbedding van dergelijke projecten was vaak niet voldoende geregeld waardoor projecten, met het aflopen van donorondersteuning, snel stopten.

Ook zorgen cultuurverschillen voor obstakels. Bij een project in Indonesië met Solar Home Systems was het innen van geld een probleem. Omdat mensen daar veelal geen bankrekening hadden, moest een manier gevonden worden om het geld te innen. Iemand werd langs de huizen gestuurd om het geld op te halen. Op zich een goed idee, behalve dat de ophaler een jong iemand was die niet werd vertrouwd. Het geld kreeg hij dus niet mee. Toen later een ouder iemand het geld ging ophalen, ging het wel goed.

Uiteindelijk kwam je focus op Afrika te liggen?

Ja, op Sub Sahara Afrika. Latijns Amerika en Azië waren in 2006 al relatief ver op het gebied van duurzame energie (in Latijns Amerika doen ze bijvoorbeeld veel met waterkracht). In Afrika was er nog nauwelijks iets. In Afrika hebben heel veel mensen nog geen toegang tot elektriciteit. Houtskool en brandhout zijn de voornaamste energiebronnen, de nood was (en is nog steeds) erg hoog.

Op welk project ben je trots?

Voor Bio2Watt, een Zuid-Afrikaanse ontwikkelaar van biogasprojecten, heb ik in 2009 een subsidievoorstel geschreven waarmee ze echt van start konden gaan. Nu draait daar het grootste biogasproject in Zuid-Afrika en waarschijnlijk van heel Sub-Sahara Afrika. Ze gebruiken koeienmest en organische reststromen voor de productie van biogas. De opgewekte elektriciteit wordt verkocht aan de nabij gelegen BMW fabriek, gebruikmakend van het nationale en lokale elektriciteitsnetwerk. De toegewezen subsidie gaf de doorslag om verder in dit bedrijf te investeren, en tot een succes te maken.

Zijn er ook mislukkingen?

Ja, die zijn er ook! Een tijd lang was het verbouwen van de jatropha plant als energiegewas populair. De plant produceert zaden waar olie uitgehaald kan worden om biobrandstof van te maken. Alhoewel jatropha een gat in de markt leek – het kan op arme grond groeien en heeft weinig water nodig – bleek het niet veel zaden te produceren, en dus ook weinig olie. Toen men hier achter kwam was er al behoorlijk veel geld geïnvesteerd.

Wat zie je als de beste kansen voor duurzame energie in Sub Sahara Afrika?

We hebben alle bestaande duurzame energie technologieën onderzocht en bio-energie is denk ik de belangrijkste om in te investeren. In Sub-Sahara Afrika draait de economie nog vooral op de landbouw. De meeste mensen werken in de landbouw en dus valt hier het meeste te bereiken. Denk aan reststromen uit de veeteelt, plantenresten etc. Niet overal worden alle stromen uit de bosbouw gebruikt (zoals zaagsel), dus ook daar liggen kansen. Je ziet dat winstgevende bedrijven vaak combinaties telen van energiegewassen en voedselgewassen. De bevolkingstoename in Afrika is hoog, dus de vraag naar voedsel, maar ook energie, stijgt alleen maar.

Waar ben je nu mee bezig?

Op dit moment ben ik in opdracht van de Europese Commissie bezig met een haalbaarheidsstudie en projectplan voor het omzetten van huishoudelijk afval naar energie in Ogun State in Nigeria. Dit is een interessant project omdat een dergelijk initiatief nog niet bestaat. Een conclusie zou kunnen zijn dat de gewenste ideeën financieel niet mogelijk zijn. Mijn doel is om te kijken of op de plekken waar mensen nu diesel-generatoren hebben staan die in de toekomst te laten vervangen door meer duurzame vormen van energieopwekking. Ik heb in diverse landen gezien dat daar nog heel veel mogelijk is.